In industriële omgevingen waar met fijnstof, poeders of brandbare materialen wordt gewerkt, speelt veiligheid een cruciale rol. Wanneer stofdeeltjes zich mengen met lucht, kan er een explosiegevaarlijke situatie ontstaan. In deze blog leggen we uit wat ATEX betekent en waar u op moet letten bij het veilig afzuigen van explosiegevoelige stoffen.
ATEX en stofafzuiging: wanneer wordt stof echt gevaarlijk?
In veel industriële omgevingen wordt gewerkt met fijnstof dat op het eerste gezicht onschuldig lijkt. Fijn stof op de vloer, wat poeder op machines of een lichte waas in de lucht. Toch kan juist dit soort situaties leiden tot een serieus risico. Wanneer fijne deeltjes zich mengen met zuurstof, kan er namelijk een explosieve atmosfeer ontstaan. In dat geval spreken we over ATEX.
Wanneer is ATEX van toepassing?
ATEX komt in beeld zodra brandbaar materiaal, zuurstof en een ontstekingsbron samenkomen. Dit wordt ook wel de explosiedriehoek genoemd. In de praktijk betekent dit dat veel processen waarbij met fijnstof wordt gewerkt onder bepaalde omstandigheden een risico kunnen vormen.
Denk bijvoorbeeld aan toepassingen in houtbewerking, metaalbewerking of het werken met materialen zoals carbon black. Het gaat daarbij niet alleen om grote hoeveelheden. Juist fijn verdeelde stofdeeltjes die zich in de lucht verspreiden, kunnen een verhoogd risico met zich meebrengen.
ATEX-zones: zone 0, 1, 2, 20, 21 en 22
Om explosiegevaar te kunnen beoordelen, worden werkomgevingen ingedeeld in ATEX-zones. Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen zones voor gas en dampen en zones voor stof.
Voor gas en dampen gaat het om zone 0, zone 1 en zone 2. Voor stof wordt gewerkt met zone 20, zone 21 en zone 22. Deze zones geven aan hoe vaak en hoe lang een explosieve atmosfeer aanwezig kan zijn.
De zone-indeling vormt een belangrijk uitgangspunt bij het bepalen welke apparatuur geschikt is. Zo stelt een toepassing in zone 21 andere eisen dan een situatie in zone 22.
Hoe zit het met ATEX-certificering?
Binnen ATEX wordt onderscheid gemaakt tussen richtlijnen voor de werkomgeving en voor de apparatuur die daarin gebruikt wordt. In de praktijk betekent dit dat er gekeken wordt naar de risico’s binnen een installatie en naar de geschiktheid van de toegepaste machines.
De beoordeling hiervan ligt bij specialisten en inspecterende partijen. Op basis van de situatie bepalen zij welke maatregelen nodig zijn en welke apparatuur passend is binnen de geldende richtlijnen.
Waarom standaard stofzuigers niet geschikt zijn
Bij het verwijderen van fijnstof wordt vaak gebruikgemaakt van industriële stofzuigers. In omgevingen waar explosiegevaar een rol kan spelen, is het belangrijk om kritisch te kijken naar de eigenschappen van deze apparatuur.
Standaard stofzuigers zijn hier niet voor ontworpen en kunnen onder bepaalde omstandigheden juist een risico vormen, bijvoorbeeld door statische opbouw of interne vonkvorming. Hierdoor kan de stofzuiger zelf een ontstekingsbron worden.